top of page

Slaapkoppen van Reina Ollivier en Karel Claes

  • 5 uur geleden
  • 2 minuten om te lezen

'Slaapkoppen' is inmiddels alweer het negende deel in de succesvolle non-fictiereeks Superbeesjes. Dit keer draait het gehele boek rondom slapen en ontmoet je negen dieren die het lekker rustig aan doen. Op een speelse manier laten de auteurs je kennismaken met deze negen verschillende dieren. De taal is luchtig, rijk en toegankelijk en doordat de gedetailleerde en zachte illustraties een centrale plek innemen, is de kennismaking aantrekkelijk. Het sterke samenspel van feitelijke tekst en expressieve, vooral grote illustraties maakt elke ontmoeting met de negen dieren een bijzondere ervaring.


De insteek is net als in de andere delen hetzelfde. Elk dier krijgt op zes bladzijden (3 spreads) de volledige aandacht. Eerst zie je een grote, krachtige illustratie van het dier met de naam van het dier en een klein inleidend aantrekkelijk stukje tekst, geschreven vanuit het dier. Als je de bladzijde omslaat, kijk je je ogen uit, want er valt veel te zien en te lezen. Je leest wat algemene paspoortgegevens zoals: naam, klasse, grootte, woonplaats, voedsel, snelheid en vijanden. Ook lees je wat andere kenmerken van het dier die in korte stukjes worden verteld door het dier zelf. Alles voorzien van diverse illustraties die de weetjes goed verduidelijken; heel indrukwekkend. Op de bladzijde daarna volgen nog andere bijzonderheden, meer in verhaalvorm op pagina's met grotere wat meer achtergrondillustraties die je de wereld van het dier intrekken. De weetjes worden helder en toegankelijk beschreven op een niveau dat aansluit bij kinderen van diverse leeftijden. Voor jonge kinderen is het bekijken van de illustraties, wereldkaart en de snelheidslijn (hoe snel kan het dier?) het meest boeiend. Voor wat oudere kinderen is de specifieke informatie over het dier die meer in verhaalvorm wordt verteld interessanter.


In dit boek ontmoet je een aantal bijzondere slaapkoppen. Zo kom je erachter dat het roodneknachtaapje opvallend grote ogen heeft en maar liefst 16 uur per dag slaapt. De West-Europese egel kan er ook wat van: in de winter slaapt deze maar liefst 18 uur. De Bengaalse tijger slaapt nóg meer, met zijn 18 tot 20 uur gaat hij aan kop. Als je dacht dat de kapucijnluiaard bijna de hele dag slaapt, kom je bedrogen uit; dit dier slaapt 14 tot 16 uur en plast of poept maar één keer in de week. De gewone teek moet soms wel een jaar wachten op eten; zijn leven bestaat meer uit wachten dan uit bewegen. De Atlantische walrus slaapt zo ongeveer 19 uur in allerlei gekke houdingen. Extra bijzonder is de woestijnslak, die beweegt bijna niet in een heel jaar. De gevaarlijke steenvis beweegt ook bijna niet en ligt roerloos op de bodem. Tot slot komt de kleine vleermuis nog voorbij die drie verschillende slaapplekken heeft. Negen dieren die op hun eigen manier lekker lui zijn.


Ideaal voor kinderen die van dieren houden en zelf op ontdekkingstocht willen. Er valt genoeg te kijken, te leren en te verwonderen.





Schrijver: Reina Ollivier en Karel Claes

Illustrator: Steffie Padmos

Jaar: 2026

Genre: non-fictie

Leeftijd: 5+/8+

Uitgeverij: Clavis

bottom of page